2013 was het jaar: waarin we terug gingen sleutelen

Je vrije tijd in de garage doorbrengen is populairder dan ooit tevoren.

 

Niet zo heel lang geleden, was het ‘uncool’ om zelf ook maar
iets aan je motorfiets te doen. Niet voor, maar wel voor een groot gedeelte van
motorrijdend België. Begin jaren 2000 staken we minder dan ooit tevoren zelf de
handen uit de mouwen. Zo’n dikke 10 jaar later is de situatie wel enigszins
anders. Lang niet iedereen sleutelt maar meer en meer motorrijders durven zelf
al eens een steeksleutel ter hand nemen. Je hoeft je niet langer te schamen om
in het openbaar ervoor uit te komen dat je in het weekend graag een stukje mag
sleutelen. Immers, sleutelen is meer dan ooit een onderdeel van hoe je
motorrijden beleeft.

 

 

Aan een hypermoderne en vrij recente sportmotor valt er
weinig te sleutelen. Dat soort motorfietsen bulkt immers van de elektronica en
bovendien zou zelf sleutelen de garantie wel eens kunnen aantasten.  Maar wie echter een iets oudere motorfiets in
zijn bezit heeft kan makkelijk een stukje zelf sleutelen. Al is het maar ‘basic
stuff
’ zoals olie vervangen, een ketting aanspannen of een nieuwe uitlaat
monteren. Waarom we terug massaal gingen sleutelen is niet helemaal
duidelijk. Mogelijk zit de economische crisis daar voor iets tussen maar dat is
lang niet de enige oorzaak. Er is de laatste jaren immers meer dan ooit een
heropwaardering voor handenarbeid. Nog maar heel weinig onder ons werken
dagdagelijks met hun handen. Daardoor 
hebben we misschien wel het gevoel dat we de capaciteit om iets met onze
handen te realiseren, dreigen te verliezen. 
Die trend dook voor het eerst op bij vrouwen die een paar jaar geleden
opnieuw volop begonnen te breien en naaien.

 

 

De drang om eigenhandig iets concreets te realiseren (of
creëren) sluit geweldig aan bij de retro-trend die nu al een paar jaar in
motorland heerst.  Klassiekers
restaureren is nog nooit zo populair geweest en dankzij internet is het
wellicht ook nooit zo makkelijk geweest als nu. Maar niet iedereen wil een
klassieker in z’n oorspronkelijke staat herstellen. Wie een beetje creatief is
wil een motorfiets naar zijn smaak (en budget) scheppen.  Youngtimers of klassiekers vormen vaak de basis
voor zo’n ‘projectmotor’ maar nu begint ook de motorindustrie stilaan wakker te
worden. Merken als Triumph en Harley-Davidson bieden een ongelofelijk
scala aan accessoires aan om je motorfiets te personaliseren. Maar Yamaha gaat
daarin nog verder. Met modellen als de klassiek gestylede
SR 400 en XV 950
bieden de Japanners als het ware een  kant-en-klare basis aan voor een
‘special’.  Dat Yamaha rotsvast  in ‘customisation’ gelooft werd eerder al
duidelijk toen het sommige van z’n modellen onder handen liet nemen door
specialisten als
Roland Sands en Deus Ex-Machina.

 

 

Naast de hypes rond klassiekers en zelfgebouwde café racers
is er misschien nog een andere reden waarom we terug meer gaan sleutelen: escapisme.  Meer en meer mannen trekken zich immers graag
terug in hun garage. Vaak is het behelpen in een krappe ruimte maar wie meer
plaats heeft maakt er maar al te graag een ‘man cave’ van.  Naast een uitgebreid assortiment aan
werktuigen – voor sommigen is het verzamelen daarvan al een beleving op zich –
is de ideale garage ook uitgerust met onontbeerlijke zaken zoals een
geluidsinstallatie waar continu goede muziek juit weerklinkt, een ijskast vol pintjes  en uiteraard de nodige
pin-ups.  Dat alles samen maakt van de
garage een plek waar de moderne man even kan ontstressen terwijl hij het
nuttige aan het aangename koppelt. En misschien is dat wel dé reden waarom sommigen van ons er zoveel tijd in doorbrengen...

 

 

Facebook comments