Was het nu '80, '90 of...?: Yamaha TDR 250

De Yamaha TDR 250 werd in deze contreien nooit geen
succesnummer maar in Zuid-Europa lag dat wel even anders. De kleine Yamaha gaat
zou de motorgeschiedenis ingaan als de eerste kant-en-klare supermoto. De TDR
was dan ook het geesteskind van Sonauto Yamaha-baas Jean-Claude Olivier.

 

Eind jaren ’80 is motorrijdend Frankrijk in de ban van want
dan nog Supermotard heet. Dit oorspronkelijk Amerikaanse fenomeen is
overgewaaid naar la douce France waar het stormenderhand de harten van de
Parijse motard
verovert.  De historische
kombaan van Monthléry is het decor van de eerste wedstrijden. Al vlug ontstaat
er een kampioenschap waarin de Franse importeurs – voor wie sport altijd een
belangrijke tool is geweest om hun producten te promoten –ruimschoots hun duit
in het zakje doen.  Vooral Jean-Claude
Olivier
(JCO), de dynamische baas van wat dan nog Sonauto Yamaha (nu Yamaha
Motor France
, nvdr) heet, is gewonnen voor de Supermot’.  Olivier trekt rijders als Jean-Paul Mingels
en Serge Bacou – beiden ex-crossers die zich tot rallyraid-specialisten hebben
omgeschoold – als rijders aan.

 

Op basis van de luchtgekoelde YZ 490 crossmotor  ontwikkelt
men in de Sonauto-ateliers een ware Supermoto-machine met oa de wielen van een
RD 350 en de swingarm van een FJ 1200. Met deze motor gaat JCO zelf aan de slag
in het Franse kampioenschap Supermotard.

Het geesteskind van JCO


Het is onder impuls van Jean-Claude Olivier dat de
Yamaha-ingenieurs aan de slag gaan met de ontwikkeling van een lichte
supermoto.  De baas van Sonauto Yamaha
merkt dat midden jaren ’80 de allroad – dan nog steevast trail genoemd - begint
aan te slaan in Frankrijk.  Dat heeft
veel te maken met het succes van de Dakar. Yamaha-importeur Sonauto doet in
Frankrijk gouden zaken met de XT 600 Ténéré en ook andere merken eisen hun deel
van de koek op. Maar Olivier – die dan veel invloed heeft bij het
Yamaha-hoofdkwartier in Japan -  beseft
dat er een aantal aspecten aan de trail zijn die een groter succes in de weg
staan. Zo zijn er de overdreven grote tanks 
en de lange veerweg. Bovendien zijn de dikke trails niet zo vinnig in
het stadsverkeer en voor jonge motards iets te prijzig.

 

Met al deze noden en z’n eigen supermotard-ervaring in het
achterhoofd klopt JCO bij de ontwikkelingsafdeling in Japan aan. Daar heeft men
wel oren naar een project in deze nieuwe niche. Om de ontwikkelingskosten
binnen perken te houden, opteert men voor het blok van de tweetakt TZR 250 als
krachtbron. De Yamaha-ingenieurs opteren voor een dubbel wiegframe waarbij de
uitlaten aan beide zijden van de motorfiets lopen.

 

Bij z’n introductie in 1988 wordt de TDR door de Europese
motorpers als trendsetter gezien. Vooral de testrijders van de Britse bladen
zijn dol op deze handelbare en speelse motorfiets. De term “hooligan’s bike
valt dan ook meteen. En wellicht is dat ook de reden waarom er 25 jaar later
nagenoeg geen TDR 250’s meer overschieten. De zeldzame exemplaren die nog te
koop worden aangeboden zijn noodzakelijkerwijs gemodificeerd geweest door hun
eigenaren. Die zelfdzaamheid maakt echter dat je voor een gaaf exemplaar – maar
daarom niet meer in originele toestand – toch nog rond de € 2.500 zal moeten
neertellen. Een TDR 250 originele staat kwamen we tijdens onze zoektocht op
tweedehandssites echter niet tegen.

 

Technische
gegevens
: Motor: Watergekoelde paralleltwin tweetakt, Cilinderinhoud:
249 cc, Boring x slag: 56,4 mm x 50.0 mm, Versnellingsbak: 6 versnellingen,
Drooggewicht: 137 kg, Wielbasis: 1385 mm, Prijs 2013: tussen € 1.000 en € 2.500

 

Facebook comments