Rij-indruk Indian Scout Bobber

Uit de stripalbums van Jommeke en co. weten we dat indianen allemaal een bijnaam toegedicht krijgen die dicht aansluit bij hun aard en voorkomen: Rollende Rots, Dikke Springmuis, Koperen Keelgat…  Gaan we bij de geboorte van de Indian Bobber op zoek naar een gepaste totemnaam voor de nieuwe telg dan moeten we rekening houden met een paar unieke trekjes van dit model, zoals het lederen solozadel, de harde achterhand en de ongekend soepele motor.

 

Tekst: Dirk Gossye

Foto’s: Felix Romero

Amper een tiental dagen nadat ik in de Triumphfabriek met de nieuwe versie van de Bonneville Bobber Black mocht kennismaken, werden we aan de zonnige Cote d’Azur opgewacht door een tiental Indian Scout Bobbers om er een hele dag mee aan de rol te gaan. Motorjeans aan, halfopen helmpje op de bol, een doorwaaijas om het lijf en hop, de baan op om te bobben!

 

Zoete donder

De krachtbron in de Scout Bobber is de 1133cc metende watergekoelde V-twin met overvierkante zuigermaten en een in dit segment wat onconventionele cilinderhoek van 60°, alles in het gareel gehouden door een balansas. Dat alles samen zorgt voor een motorloop die je niet anders dan ‘zoet’ kunt noemen, het stampen van de zuigers is nauwelijks te voelen en dat is toch wel even wennen op een bike met dit coole voorkomen. Het voordeel van die zeg maar ‘gesofistikeerde’ motorloop is dat het blok al vanaf erg lage toerentallen alles in het werk stelt om je zonder horten en stoten doorheen de versnellingen te loodsen. We hadden snel door dat hoge toeren hier absoluut geen vereiste zijn om de 94 paarden aan het werk te zetten en namen even de proef op de som door aan 70 km/u naar zesde op te schakelen om dan vol op het gas te gaan. En inderdaad: met een vlekkeloze pick-up vanaf 2.100 toeren en veel kelderkracht versnel je naar snelheden waarbij je armen algauw een paar centimeter langer worden. Maar hogere toeren vormen ook geen probleem. Om je een idee te geven van de erg brede inzetbaarheid van deze krachtbron: de motor maalt er absoluut niet om dat je ‘m in eerste versnelling naar de kaap van 90 km/u pusht. Indrukwekkend, en dat zonder dat er veel gedruis weerklinkt. De lange zwarte uitlaten dempen het geluid efficient zonder het karakterloos te laten klinken en ook de watermantel doet zijn duit in het zakje. Dit voelt allemaal erg solide en geraffineerd aan. Wel krijg je vanaf 5.500 toeren beduidend meer fijne trillingen door in de voetsteunen, rond 8.000 toeren grijpt de begrenzer in.

 

Fraaie lage

Wanneer constructeurs of tuners alles in het werk stellen om een bestaand model er zo cool mogelijk te laten uitzien, is het niet ondenkbaar dat daar uiteindelijk een ‘all show, no go’-creatie uit voortspruit. Vandaar dat ik enigszins sceptisch gestemd plaatsneem in het fraaie lederen two-tone solozadel. Hmmm, zit lekker en is geruststellend laag. Het stuur moet ik met gestrekte armen beetnemen, de voeten zitten een tikkeltje voor de knieën, zonder dat je ze storend ver naar voor dient neer te poten. Op de gewone Scout staan ze bijna 4 centimeter meer naar voor en dat is een stuk meer ‘laid back’. Het stopcontact vind je aan de linkerkant tussen beide cilinders, gebufferd door twee ‘hekjes’ zoadat je er niet met je knie kan tegen stoten. Bij het van dichtbij bekijken van de opschriftjes op het contactslot valt meteen de erg hoge afwerkingsgraad op van alles wat daar in het vooronder zit. De cilinderkoppen zijn loepzuiver uitgefreesd en kregen een chroomcoating, er is in velden of wegen een loshangend draadje of buisje te bespeuren. Die indruk van kwaliteit zet zich door wanneer je ook de rest van de Scout even onder het vergrootglas legt. De strakke zwarte aluminium nacelle rond de koplamp, het pikzwarte ronde dashboard, de ingekorte stalen spatborden, de koelvinnetjes rond de uitlaatbochten, de led-knipperlichten/achterlichten, de tankdop met het Indian-logo… alles is piekfijn afgewerkt en zit muurvast gemonteerd. Premium, quoi.

 

Strakke sleper

Duim tegen de startknop en rijden maar. De koppeling is niet boterzacht en noch het linker- als het rechterhendel zijn regelbaar. Minpuntje. De zesbak gaat echter gewillig en zuiver op en neer, alleen heeft het digitale displaytje wat tijd nodig om de juiste gang aan te duiden. Het rijtje Indians gaat moeiteloos van de plek, ook al weegt de Bobber volgetankt een flinke 255 kilo. De lage bouw zorgt voor een navenant zwaartepunt en de balans tussen de dikke voorkant en de nog dikkere achterkant is prima. Je zou met zo ’n vette 130/90-16 om je voorwiel verwachten dat het stuur zwaar en log zou aanvoelen maar niets is minder waar. Alleen de precisie is wat minder, in die zin dat je rekening moet houden met een wat wijder traject dan je met een conventionele voorband zou trekken. De Bobber voelt zowel qua frame als qua vering bijzonder solide en strak aan en je gaat met veel vertrouwen op hellingshoek. De enige hinderpaal daarbij is een gebrek aan grondspeling, al hadden wij als laatste groep van de Europese launch daar minder last van dan onze voorgangers. Op elke Bobber waren de uitlaten en de voetsteunen al duchtig vlak geslepen, dus dat was in ons geval goed voor een paar extra graden hellingshoek. Zonde toch wel van de onderkant van de uitlaten, want hadden we echt het beest in ons losgelaten dan waren er gegarandeerd een paar Bobbers met gaatjes in de voorste  uitlaatbocht geweest. Los daarvan niets dan lof voor de aanvalsdrift van deze ruigerd, zeker als je weet dat ook de enkele schijf met dubbelzuiger remklauw vooraan moeiteloos haar mannetje staat. De achterrem mocht wat potiger, maar flink doorduwen tot het ABS ingrijpt zorgt ook daar voor een stevige vertraging. 

 

Strenge stomper

Om de originele Scout om te vormen tot een bobber werd achteraan de veerweg ingekort. Het is dan ook logisch dat je daar ook een prijs voor betaalt, meer bepaald op het vlak van comfort. Vooraan bleef de slag van 120 mm behouden, achteraan werd die echter flink ingekort zodat je het met 50 mm veerweg moet rooien. Dat laat zich toch wel voelen telkens je een putdeksel vergeet te omzeilen, temeer omdat de voetsteunen net iets te ver naar voor staan om je kont even uit het zadel te lichten voor een grotere oneffenheid of een verkeersdrempel. Tja, dat weet je als je kiest voor een bobber zeker? Of zoals ze daar in Cannes zouden zeggen: sois bob et tais-toi.

Hoe dan ook: tijdens onze net geen 100 kilometer lange testrit door de heuvels van de Var leerden we dat de Indian Bobber absoluut geen slome wandelbike is waarmee je omzichtig moet omspringen. Hij snijdt niet als een mes door de bochten, maar als je mooie trajectoires uitzet valt er perfect mee te leven. En ook op de meest pokdalige weg sloeg de achtervering niet door, terwijl de voorvork altijd rustig en beheerst reageerde. Een coole flaneerbike die tegelijkertijd ook de nodige fun garandeert, hij bestaat.

Het fenomeen ‘bobber’ is sedert hooguit een paar jaar aan een flinke opmars begonnen, maar met leuk ogende en goed presterende machines als de H-D Forty-Eight, de Moto Guzzi V9 Bobber en de Triumph Bobber Black is het een subsegment binnen de custom-en cruiserscene dat je onmogelijk nog over het hoofd kunt zien. De Indian Scout Bobber voegt nog maar een turfstreep aan dat lijstje toe en het is er eentje dat met een dikke zwarte stift mag getrokkken worden, wegens erg goed presterend, mooi vormgegeven en degelijk in mekaar gestoken. Ik heb gezegd, Ugh!

 

Doorgelicht:

Motor

In  de Scout Bobber huist dezelfde 1.133cc metende watergekoelde V-twin die ook al dienst deed in de in 2015 gelanceerde ‘gewone’ Scout, waarvan de tot 999 cc afgezwakte versie van de Scout Sixty sedert vorig jaar de ondergrens van het Indian-gamma bepaalt. De zuigers meten 99 x 73,6mm en de zesbak is gekoppeld aan een meervoudige natte pltenkoppeling. Het blok is goed voor 94 pk aan 9.000 toeren en levert 97 Nm aan koppel bij 5.600 o.p.m.

 

Rijwielgedeelte

Het blok huist in een hybride stalen/aluminium ruggengraatframe, vooraan gestut door een niet regelbare conventionele voorvork met 120mm, achteraan door qua  veervoorspanning regelbare stereoveren met een tot 50mm beperkte veerweg. De door abs ondersteunde reminstallatie bestaat vooraan en achteraan uit een enkele 298mm schijf met tweezuigerremklauw, achteraan zit een enkelzuigertje.

 

Prijzen en kleuren

De Scout Bobber is verkrijgbaar in zwart, rood, zilver en brons. De prijs bedraagt 13.990 euro in België, 16.290 euro in Nederland. Voor de versies in two-tone zilver en rood betaal je in België 400 en in Nederland 500 euro meer.

 

Accessoires

Er zijn al een hoop opsmukartikeltjes beschikbaar voor de Bobber, zoals zadeltassen, een bagagerek met bijhorende tas, een duozit, tanktas, ander stuur en een vintage 1920 solozadel. 

Facebook comments